NIKI’S BLOG

BLOG: Vakantietijd: maar dan net even anders

Vandaag ging ik met mijn dochter ‘op vakantie’. Ze mocht zelf kiezen wat we mee namen en wat onze bestemming was. Ze begon al snel met het verzamelen van spullen die niet mochten ontbreken op onze trip. Haar zonnebril, haar nieuwe bellenblaas, de nieuwe ijsstokjes, een onderbroek en de zonnebrandcrème. Ik vroeg nog: “Hoeven we geen luiers mee te nemen?”. Nee, die had mijn 2 jarige echt niet nodig! “Wel een zwembroek, mama!”. Dus we gingen naar boven om haar zwembroek te halen.

We stapten in het vliegtuig. In eerste instantie zat ik zelf aan het stuur, maar mijn dappere dochter wilde zelf vliegen. Drie stoelen van de eetkamertafel stonden achter elkaar opgesteld. De piloot was mijn mooie meisje. Ik zat zelf op de tweede rij. Haar twee poppen mochten achterin het vliegtuig plaats nemen. Mijn dochter strekte haar armen wijd langs haar lichaam. “Whoooooeeeeiiii”. Daar gingen we dan…. Op vakantie.

“Mevrouw de piloot, waar gaan we eigenlijk heen? Naar Parijs… of Sydney?”. “Skitnie,” was haar vastberaden antwoord.

Ook bij de opvang kreeg ik de vraag of we niet op vakantie zouden gaan. De meeste ouders hadden – wellicht uitgesteld door de Coronatijd- hun vakanties inmiddels wel doorgegeven. Ik antwoordde dat ik eerder voor een paar lange weekenden vrij zou kiezen in plaats van een aaneengesloten vakantie van twee weken. Naar waarheid. Want net verlost van de intelligente lockdown ben ik blij dat ik weer zoveel mooie opdrachten mag invullen. Mijn hoofd staat nu niet naar vakantie, maar naar het inhalen van de ‘verloren tijd’. En natuurlijk bekruipt me een schuldgevoel als ik zo’n vraag krijg vanuit de opvang. Mijn dochter is ruim 8 weken thuis geweest in de lockdown. Het was zeker geen vakantie. Maar we hadden geen verplichtingen. Dus wij vulden onze dagen met lange wandelingen en bezoekjes aan de speeltuin. Even geen opa en oma, maar wel heel veel ‘mama-tijd’.

Is dat niet de strijd die veel zelfstandig ondernemers nu met zichzelf voeren? Acht weken lang kon ik niets doen, hoewel ik wel opdrachten had liggen. Geen opvang, geen opa en oma en geen partner om mezelf ruimte te geven toch te kunnen werken. Dus heb ik opdrachten terug gegeven en ervoor gekozen om het beste te halen uit de tijd dat we samen thuis waren. Nu geniet ik weer enorm van de balans die er is. Ik mag mijn creativiteit weer volop benutten, en mijn dochter mag ook weer lekker met leeftijdsgenoten plezier hebben. “We hoorden een enorm aanstekelijke lach, waar je zelf ook van moet lachen,” zei de leidster toen ik mijn meisje vrijdag ophaalde. “Je dochter was met haar beste vriendje ergens op de uitgestrekte weide lekker aan het ravotten!”. Dat bracht een enorme glimlach op mijn gezicht. Zij geniet net zo van de tijd na Corona als ik.

Het jaar is gewoon anders dan anders. En deze zomer dus ook. Over een paar weken moet onze achtertuin het vakantieparadijsje worden van deze zomer. Ik werk er hard aan. Na een aantal gigantisch drukke weken in mijn bedrijf is er gelukkig ook weer ruimte om nieuwe projecten op te pakken. Dus voor diegenen die ook dicht bij huis blijven, en de drukte van het najaar voor willen zijn: 100%Niki heeft ruimte om met jou na te denken over een sterke start na de zomer!

Niki (18 juli 2020)

BLOG: zzp-er in coronatijd

Vanmorgen was het zover. Het moment waar ik stiekem in de afgelopen acht weken reikhalzend naar uit had gekeken. Mijn dochter van 2 jaar mocht weer naar de opvang. Want het was zwaar. Acht weken lang met een mini-mensje thuis, die gewoon de hele dag lekker wil knutselen en schilderen, en niet begrijpt dat mama ook andere dingen moet doen. Ja, het gaf mij frustraties. Maar na drie weken besloot ik me neer te leggen bij het feit dat mijn bedrijf gewoon stil zou liggen, zolang mijn dochter thuis zou zijn. Twee jaar is gewoon te jong om te begrijpen wat er aan de hand is. Dus gaf ik mezelf de ruimte om vooral van haar te genieten. Want zij heeft ook niet gekozen voor een situatie waarin ze 24×7 zit opgescheept met een veertig-plusser.

Dat genieten is grotendeels gelukt. In de verhouding 70 – 30. Want de zorgen over mijn inkomen bleven altijd op de achtergrond aanwezig. Ja, er is een regeling voor ondernemers. Maar die staat natuurlijk niet in verhouding tot het inkomensverlies doordat je bedrijf volledig stil ligt. ‘Een bijstandsaalmoes’ noemde Aafke Romeijn de regeling van het kabinet in haar column in Linda. Die bleef wel lang bij mij hangen. 

Gisteravond drong het besef goed door dat ik na acht weken mijn kleine meisje weer aan de zorg van de opvang ging toevertrouwen. Ik kreeg een brok in mijn keel. Ik had hier zo naar uitgekeken, maar met het verstrijken van de tijd voelde het ook als een gemis haar niet meer de hele dag om me heen te hebben. Het dubbele gevoel hakt er goed in. Vanmorgen stapte ze nog vrolijk in de auto, want onderweg doen we vaak spelletjes. ‘Ik zie ik zie wat jij niet ziet’. En dan zit ze met een grote glimlach op de achterbank. Ik draai de weg in die onherroepelijk richting de kinderopvang gaat. Mijn dochter begint te huilen: ‘Mama, niet naar de kindjes!’. Het is hartverscheurend. ‘Maar lieffie, je gaat zo’n leuke dag hebben. Je ziet al je vriendjes weer…. ‘ Het meisje breekt: ‘Nee, mama, ik wil naar huis.’ Okay, nu moet ik dus sterk blijven. We moeten hier allebei weer even doorheen. En als ik nu toegeef aan mijn gevoel, maakt dat de zaak er niet makkelijker op. Dus ik noem in één adem al die dingen op die ze zo leuk vindt aan de opvang. De koetjes, de buitenruimte, de grote zandbak, de geitjes, de kipjes. Ik dreun de namen op van de kindjes waar ze altijd zo enthousiast van wordt. Maar mijn dochter is ontroostbaar. 

We draaien het terrein van de kinderopvang op. Een langgerekte ‘nee!’ klinkt vanaf de achterbank. De tranen lopen over haar wangen. Ik pak haar uit de auto en volg de nieuwe routing van de opvang. Eerst desinfecteren en dan via  de buitenkant van het gebouw naar haar lokaal. Haar favoriete leidster staat meteen buiten. Maar zelfs dat helpt nu niet. Ik breek als ik haar op de grond zet om haar tasje netjes in het mandje te leggen. Ze klampt zich helemaal aan mij vast. En ik kan mijn tranen niet meer tegenhouden bij zoveel verdriet. Je moederhart zegt: draai je om en neem haar lekker mee, maar verstandelijk weet je dat je zelf ook weer door moet. Door om weer uit deze situatie te komen, waar je al maanden in verkeert. Ook voor haar. Maar jezus, wat is het moeilijk vandaag! 

De opvang is top, ze laten al snel via een online berichtje een foto zien dat ze lekker aan tafel zit te knutselen. Drie kwartier duurde het toch wel voordat ze weer een beetje haar draai kon vinden. En ik heb hem nog steeds niet te pakken. Dus chapeau voor die kleine kruimel. Je doet het vandaag beter dan mama. 

Tranen weg en aan de bak. Want mijn kracht om mensen te raken met verhalen, in video of in tekst, heb ik enorm gemist. Maar ik ben er weer. De eerste horde is vanmorgen genomen en ik ben klaar om weer te gaan vlammen!

Niki (11 mei 2020)